Een hydrauliekbuis is pas goed gemonteerd als ook de bevestiging bestand is tegen drukpulsen, trillingen en mechanische belasting.
Een verkeerde buisklem, ongunstige plaatsing of te grote vrije overspanning kan leiden tot geluid, loslopende verbindingen, lekkage en vermoeiingsschade. In dit artikel leest u welke fouten in de praktijk vaak voorkomen en hoe u ze voorkomt.
Waarom een correcte bevestiging belangrijk is
Hydrauliekbuizen transporteren niet alleen olie onder druk. Ze krijgen ook te maken met drukwisselingen, trillingen vanuit pompen en motoren, beweging van de machine en temperatuurverschillen. Zonder de juiste ondersteuning kan een buis gaan bewegen. Daardoor worden koppelingen extra belast en kan op termijn materiaalmoeheid ontstaan.
Een goed bevestigingsplan heeft daarom drie functies: de buis op zijn plaats houden, trillingen en constructiegeluid beperken en belastingen bij koppelingen, bochten en componenten beheersen. De bevestiging hoort al tijdens het bepalen van het leidingtracé te worden meegenomen.
Acht veelgemaakte fouten
De verkeerde klemdiameter kiezen
De maat van de klem moet aansluiten op de werkelijke buitendiameter van de buis. Een te ruime klem houdt de buis onvoldoende vast. Een te krappe klem kan verkeerd sluiten of ongewenste spanning en beschadiging veroorzaken.
Zo voorkomt u dit
Meet de buitendiameter en controleer de maatmarkering en maattabel van de fabrikant. Kies niet op zicht en ga niet uit van alleen de nominale leidingmaat.
Een slangklem of verkeerde klemserie gebruiken
Een flexibele slang en een starre hydrauliekbuis vragen om een andere manier van geleiden en vasthouden. Ook zijn de standaardserie, dubbele serie en zware serie niet zonder meer uitwisselbaar. De standaardserie volgens DIN 3015-1 is bedoeld voor normale mechanische belastingen, de zware serie volgens DIN 3015-2 voor hoge belastingen en de dubbele serie volgens DIN 3015-3 voor twee leidingen bij normale belasting.
Zo voorkomt u dit
Gebruik een voor buisbevestiging bedoelde klem en selecteer de serie op basis van belasting, buitendiameter en aantal leidingen. Controleer vervolgens of de gekozen maat binnen het bereik van die serie valt.
Te weinig klemmen of een vaste vuistregel toepassen
Bij een te grote vrije overspanning kan de buis sterker gaan trillen. De kans op geluid, loslopende verbindingen en vermoeiingsschade neemt dan toe. De aanbevolen klemafstand verandert met de buitendiameter: in de Leeuwtechniek-montage-instructie loopt deze van 0,9 tot 5,5 meter voor de vermelde diameterbereiken.
Zo voorkomt u dit
Gebruik de klemafstand die hoort bij de werkelijke buitendiameter en ondersteun het leidingtracé gelijkmatig. Plaats bij bochten waar nodig een extra klem tegen beweging en trillingen. Controleer daarnaast altijd de actuele product- en projecteisen.
Bochten en aansluitingen onvoldoende ondersteunen
Bij bochten, koppelingen, adapters en componentaansluitingen verandert de richting of stijfheid van de leiding. Juist daar kunnen trillingen en reactiekrachten extra belasting op een verbinding zetten.
Zo voorkomt u dit
Plaats klemmen vóór en/of na bochten en aansluitingen volgens de richtlijnen van de fabrikant. Houd tegelijk voldoende ruimte vrij voor montage, inspectie en het aanhalen of vervangen van een koppeling.
Klemmen op een zwakke ondergrond monteren
Een goede buisklem op dun, ongelijk of onvoldoende stijf plaatwerk levert nog geen stabiele bevestiging op. De ondergrond kan mee gaan trillen, vervormen of de bevestiging verliezen.
Zo voorkomt u dit
Bevestig lasplaten of montagerails aan een vlakke, voldoende stijve machineconstructie. Alleen meerdere buizen aan elkaar klemmen is geen vervanging voor verankering aan een star frame; trillingen kunnen dan juist van de ene leiding op de andere worden overgedragen.
De buis met de klem in positie trekken
Een klem is bedoeld om een correct gevormde en uitgelijnde buis te bevestigen. Wanneer de klem nodig is om een scheef gemonteerde buis naar een koppeling of montagevlak te trekken, blijft er voorspanning in de leiding achter.
Zo voorkomt u dit
Controleer buigwerk, maatvoering en uitlijning voordat u de klemmen definitief vastzet. De buis moet spanningsarm in de klem en op de aansluiting liggen. Corrigeer het leidingwerk in plaats van de fout met extra aanhaalkracht te maskeren.
Verkeerde bouten of een onjuist aanhaalmoment gebruiken
Niet-passende bevestigingsdelen, een ontbrekende dekplaat of een willekeurig gekozen boutkwaliteit kunnen de klemming verzwakken. Te los vastzetten geeft onvoldoende houvast; te hard aanhalen kan onderdelen vervormen of overbelasten.
Zo voorkomt u dit
Gebruik de voorgeschreven platen, bouten en borgdelen. Bepaal het maximale aanhaalmoment op basis van klemserie, maat, draad en materiaal van de klembehuizing. Draai beide bouten gelijkmatig vast en behoud de voorgeschreven voorspanning: de klemhelften mogen elkaar na montage niet raken.
Omgeving, temperatuur en onderhoud vergeten
Materiaal dat in een droge werkplaats voldoet, kan buiten, offshore of in een chemische omgeving te snel corroderen of verouderen. Ook kan een volledig star vastgelegd leidingtracé bij grote temperatuurwisselingen ongewenste spanningen opbouwen.
Zo voorkomt u dit
Stem klembehuizing, metalen delen en oppervlaktebehandeling af op temperatuur, medium en corrosiebelasting. Voor de polypropyleen klembehuizing in de montage-instructie geldt een temperatuurbereik van -30°C tot +90°C. Controleer voor andere materialen en omstandigheden altijd de actuele productspecificatie.
Praktische controle vóór ingebruikname
- Controleer of buisdiameter, klemmaat en klemserie bij elkaar passen.
- Vergelijk de werkelijke klemafstanden met de montagerichtlijn van de fabrikant.
- Controleer extra ondersteuning bij bochten, koppelingen, ventielen, cilinders en andere dynamisch belaste punten.
- Beoordeel of iedere klem op een vlakke en voldoende stijve constructie is bevestigd.
- Controleer of parallelle buizen elkaar en omliggende machineonderdelen niet kunnen raken.
- Controleer of de buizen spanningsarm liggen en koppelingen niet zijdelings worden belast.
- Verifieer boutkwaliteit, dekplaten, borging en aanhaalmoment volgens de productdocumentatie.
- Voer na de eerste bedrijfsuren een visuele controle uit op beweging, geluid, lekkage en beginnende slijtage.
Let op: de montage-instructie geeft aanbevolen klemafstanden en maximale aanhaalmomenten voor de vermelde uitvoeringen. De actuele productspecificatie en de eisen van uw installatie blijven leidend.
Montagegegevens bij de hand
Montage-instructie leidingbeugels
Bekijk de keuze tussen standaard-, zware en dubbele serie, aanbevolen klemafstanden, montage op lasplaat en montagerail, opbouwmontage en maximale aanhaalmomenten.
Veelgestelde vragen
Hoe ver moeten buisklemmen uit elkaar staan?
Gebruik de buitendiameter als uitgangspunt. De Leeuwtechniek-montage-instructie vermeldt aanbevolen afstanden van 0,9 tot 5,5 meter voor de opgenomen diameterbereiken. Ondersteun gelijkmatig en plaats bij bochten waar nodig een extra klem. Controleer bij afwijkende belastingen altijd de actuele productspecificatie en projecteisen.
Kan ik een slangklem gebruiken voor een hydrauliekbuis?
Niet zonder technische onderbouwing. Een hydrauliekbuis moet doorgaans vast en trillingsarm worden gemonteerd, terwijl een slang gecontroleerd moet kunnen bewegen en bij druk kan veranderen in diameter. Kies daarom een klem die voor het betreffende leidingtype en de belasting is ontworpen.
Moet een klem zo dicht mogelijk bij een koppeling worden geplaatst?
Een aansluiting moet goed worden ondersteund, maar de klem mag montage en onderhoud niet blokkeren. Volg de aanbevolen plaatsing van de fabrikant en laat voldoende gereedschaps- en inspectieruimte rond de koppeling vrij.
Waarom maakt een goed bevestigde leiding soms toch geluid?
Geluid kan worden veroorzaakt door drukpulsen, cavitatie, componentwerking of trillingen die via de machineconstructie worden doorgegeven. Controleer eerst de hydraulische oorzaak. Een aangepast klemtype of extra trillingsontkoppeling kan vervolgens helpen om de overdracht van constructiegeluid te beperken.
De juiste leidingbeugel voor uw toepassing
Leeuwtechniek levert onder meer leidingbeugels uit de standaardserie DIN 3015-1, dubbele serie DIN 3015-3 en zware serie DIN 3015-2, naast montagerails, lasplaten en uitvoeringen met rubberinlage. Heeft u vragen over de serie, maat of materiaalkeuze? Onze medewerkers denken graag met u mee.

