Een hydraulische schroefdraad herkent u niet alleen aan de diameter.
BSP, JIC, ORFS, NPT en metrische aansluitingen kunnen op het oog sterk op elkaar lijken. Door draadspoed, draadhoek, coniciteit en afdichtvlak in een vaste volgorde te controleren, voorkomt u een verkeerde combinatie en lekkage.
Wat heeft u nodig om schroefdraad te herkennen?
Reinig de aansluiting en controleer deze bij voorkeur los van het systeem. Met drie metingen komt u meestal al tot de juiste draadfamilie.
Meet de diameter
Meet bij buitendraad over de draadtoppen. Meet bij binnendraad zo goed mogelijk de binnendiameter. Gebruik een schuifmaat en noteer de waarde in millimeters.
Bepaal de spoed
Gebruik een schroefdraadmeter. Inchdraad wordt vaak opgegeven in gangen per inch (TPI); metrische draad als afstand tussen twee draadtoppen in millimeters.
Bekijk het afdichtvlak
Zoek naar een 37°- of 24°-conus, een vlak front met O-ring, een afdichtring onder een schouder of een conische draad zonder apart afdichtvlak.
Praktijktip: vergelijk de gemeten diameter altijd met een draadtabel. De nominale inchmaat van BSP en NPT is een leidingmaat en is niet gelijk aan de gemeten buitendiameter.
BSP, JIC, ORFS, NPT en metrisch in één overzicht
De vorm van de draad helpt bij de eerste selectie. Het afdichtingsprincipe geeft vaak de definitieve bevestiging.
| Type | Draad | Herkenningspunt | Afdichting | Let op |
|---|---|---|---|---|
| BSPP G-draad |
Parallel, 55° draadprofiel | Diameter blijft over de lengte gelijk; vaak een vlak, conisch of apart afdichtvlak | Niet door de parallelle draad zelf, maar via bijvoorbeeld een 60°-conus, vlakke ring, bonded seal of O-ring | BSPP kan mechanisch indraaien waar de afdichtvlakken niet bij elkaar passen |
| BSPT R-draad |
Conisch, 55° draadprofiel | Draad wordt zichtbaar smaller richting het uiteinde | In de draadflanken, doorgaans met geschikt schroefdraadafdichtmiddel | Niet verwarren met NPT; draadhoek en spoed kunnen verschillen |
| JIC | Parallelle UN/UNF-draad, 60° draadprofiel | Duidelijke 37° flare-conus | Metaal-op-metaal op de 37° zitting; de draad levert de klemkracht | Niet afdichten met tape op de draad en niet koppelen aan een 45° SAE-zitting |
| ORFS | Parallelle UN/UNF-draad, 60° draadprofiel | Vlak kopvlak met een zichtbare O-ringgroef aan de mannelijke zijde | De O-ring wordt axiaal tegen het vlakke tegenvlak gedrukt | Controleer de O-ring op beschadiging, maat en materiaal |
| NPT/NPTF | Conisch, 60° draadprofiel | Conische draad zonder los conisch afdichtvlak | Door passing van de conische draadflanken; bij NPT meestal met geschikt afdichtmiddel | Kan op BSPT lijken, maar is niet uitwisselbaar |
| Metrisch | Meestal parallel, 60° draadprofiel; maat als M×spoed | Metrische diameter en spoed; hydrauliek vaak met 24° DIN-conus | Via 24° snijring-/conuszitting, O-ringconus of een afdichtring bij een inschroefpoort | Dezelfde metrische draad kan bij verschillende afdichtingssystemen voorkomen |
Zo herkent u ieder aansluitingstype
BSP: parallel of conisch
British Standard Pipe · G, R en Rp
- Draadhoek
- 55° Whitworth-profiel met afgeronde toppen en dalen.
- Vorm
- BSPP (G) is parallel; BSPT (R) is conisch. Rp is een parallelle binnendraad die binnen het BSP-buissysteem wordt toegepast.
- Afdichting
- Bij BSPP buiten de draad; bij BSPT in de draadverbinding.
- Herkennen
- Controleer eerst of de diameter over de draadlengte gelijk blijft. Bekijk daarna de zitting of afdichtring.
JIC: de 37°-conus is beslissend
Joint Industry Council · SAE J514-principe
- Draad
- Rechte UN/UNF-draad; de draad zelf dicht niet af.
- Afdichting
- Metaal-op-metaal tussen de mannelijke en vrouwelijke 37° flare-zitting.
- Herkennen
- De zichtbare conus en het ontbreken van een O-ring op het front zijn kenmerkend.
- Risico
- Een 37° JIC en 45° SAE-flare kunnen op elkaar lijken, maar geven geen correcte zitting.
ORFS: vlak afdichtvlak met O-ring
O-Ring Face Seal
- Draad
- Rechte UN/UNF-draad; dient om de vlakken tegen elkaar te klemmen.
- Afdichting
- Een O-ring in de groef van het mannelijke vlak wordt tegen het vlakke vrouwelijke deel gedrukt.
- Herkennen
- Vlak front, O-ringgroef en geen metalen flare-conus.
- Controle
- Vervang een beschadigde of platgedrukte O-ring en controleer of deze geschikt is voor medium en temperatuur.
NPT: conisch met 60° draadprofiel
National Pipe Taper
- Draadhoek
- 60°, met een conische draad over de lengte.
- Afdichting
- De draadflanken klemmen in elkaar. NPT wordt normaal gecombineerd met een geschikt vloeibaar afdichtmiddel of tape volgens montagevoorschrift.
- Herkennen
- Meet coniciteit én spoed. Visueel vergelijken met BSPT is onvoldoende.
- Risico
- NPT en BSPT kunnen enkele gangen in elkaar draaien, maar verschillen in profiel en maatvoering.
Metrisch: de spoed én de zitting bepalen het systeem
Metrische ISO-draad · veelal DIN 2353-aansluitingen in hydrauliek
- Aanduiding
- Bijvoorbeeld M18×1,5: 18 mm nominale buitendiameter en 1,5 mm afstand tussen de draadtoppen.
- Uitvoering
- Veel hydraulische leidingaansluitingen gebruiken een 24°-conus in een lichte (L) of zware (S) serie. Ook vlakke poortaansluitingen met O-ring of afdichtring komen voor.
- Afdichting
- Niet door de parallelle draad, maar door een snijring, 24° conus met O-ring of een afdichtelement bij de schouder.
- Herkennen
- Meet de buitendiameter in millimeters, bepaal de spoed en controleer vervolgens conus, buisdiameter en serie.
Praktische beslisroute
- Is de draad conisch? Dan ligt BSPT of NPT voor de hand. Meet de spoed en bepaal het 55°- of 60°-profiel met een passende draadmal.
- Is de draad parallel? Bepaal dan of de maatvoering inch of metrisch is. Alleen de buitendiameter is hiervoor niet voldoende.
- Ziet u een vlak front met O-ring? Bij UN/UNF-draad wijst dat sterk op ORFS. Een O-ring bij een schouder of poort kan ook bij BSPP of metrische draad voorkomen.
- Ziet u een flare-conus? Een 37° zitting wijst op JIC; een 24° zitting is kenmerkend voor veel metrische DIN-aansluitingen.
- Controleer de combinatie in een maattabel. Vergelijk diameter, spoed, draadsoort en afdichtvlak met de Leeuwtechniek-draadtabel (PDF). Alle vier moeten overeenkomen.
Veelgemaakte vergissingen
BSPT en NPT als hetzelfde beschouwen
Beide zijn conische pijpdraden, maar BSPT heeft een 55° Whitworth-profiel en NPT een 60° profiel. Ook spoed en diameterreeks kunnen afwijken. Gebruik daarom een draadmal en maattabel.
Afdichttape gebruiken op JIC, ORFS of een DIN-conus
Bij deze aansluitingen ontstaat de afdichting op de zitting of O-ring, niet in de bevestigingsdraad. Tape herstelt een beschadigd afdichtvlak niet en kan verontreiniging in het hydraulisch systeem brengen.
Een inchmaat rechtstreeks op de schuifmaat zoeken
De nominale maat van pijpdraad verwijst historisch naar de leidingdoorlaat. Een aansluiting van bijvoorbeeld 1/2 inch heeft daarom geen buitendiameter van 12,7 mm. Gebruik altijd een BSP- of NPT-draadtabel.
Alle metrische aansluitingen als uitwisselbaar zien
De draadmaat kan gelijk zijn terwijl conushoek, buisdiameter, lichte of zware serie en afdichtingsprincipe verschillen. Controleer de volledige aansluiting, niet alleen de aanduiding M×spoed.
Veelgestelde vragen
Hoe zie ik het verschil tussen BSP en NPT?
Controleer eerst of het om conische draad gaat. Meet daarna de spoed en gebruik een draadmal: BSP heeft een draadhoek van 55°, NPT van 60°. Alleen visuele beoordeling of buitendiameter is niet betrouwbaar genoeg.
Dicht JIC af op de schroefdraad?
Nee. Bij JIC ontstaat de afdichting metaal-op-metaal op de 37° flare-zitting. De UN/UNF-schroefdraad trekt de beide zittingen tegen elkaar.
Wanneer moet afdichtmiddel op de draad?
Alleen wanneer de draad zelf onderdeel van de afdichting is, zoals doorgaans bij NPT en BSPT. Volg altijd het montagevoorschrift en kies een middel dat geschikt is voor druk, temperatuur en medium.
Kan ik een O-ring hergebruiken?
Bij demontage is vervanging meestal de veiligste keuze. Gebruik exact de voorgeschreven maat en materiaalsoort en controleer de groef en het tegenvlak op beschadiging.

