Persbekken
De verwisselbare beksegmenten omsluiten de pershuls tijdens de persslag. Bekkensysteem, maat, lengte en toepassingsbereik moeten bij machine, koppeling en voorgeschreven persdiameter passen.
De kwaliteit en efficiëntie van het persproces worden niet alleen door de slangenpers bepaald.
Ook het juiste persbekken, een passend snelwisselsysteem en een logisch ingerichte werkplek zijn noodzakelijk voor veilig, reproduceerbaar en ergonomisch werken. Deze onderdelen moeten daarom vanaf het begin als één systeem worden geselecteerd.
De verwisselbare beksegmenten omsluiten de pershuls tijdens de persslag. Bekkensysteem, maat, lengte en toepassingsbereik moeten bij machine, koppeling en voorgeschreven persdiameter passen.
Een snelwisselaar maakt het mogelijk een complete bekkenset als geheel te verwijderen en te plaatsen. Dit verkort de omsteltijd en helpt voorkomen dat losse segmenten verkeerd worden teruggezet.
De positie van machine, bekkenopslag, bediening, meetmiddelen en materiaaltoevoer bepaalt hoeveel handelingen nodig zijn en of de operator overzichtelijk en ergonomisch kan werken.
Belangrijk: het bekkennummer is niet automatisch gelijk aan de uiteindelijke persdiameter. De vereiste combinatie van bekkenset en machine-instelling volgt uit de actuele persgegevens van de gebruikte slang en koppeling.
Selecteer nooit uitsluitend op de nominale slangmaat. Leg de volledige slang-koppelingcombinatie en de voorgeschreven persmaat vast.
| Controlepunt | Wat moet bekend zijn? | Waarom dit nodig is |
|---|---|---|
| Bekkensysteem | Bijvoorbeeld Uniflex PB 239, PB 263 of PB 266 en de compatibiliteit met de perskop. | De geometrie en montage verschillen per systeem; verschillende series zijn niet zonder meer uitwisselbaar. |
| Persdiameter | De voorgeschreven einddiameter van de gemonteerde pershuls. | Hiermee wordt bepaald welke bekkenset voldoende instelbereik heeft zonder buiten het toegestane werkgebied te komen. |
| Bekkenlengte | De lengte van het te persen gedeelte en de vorm van de koppeling. | De druk moet over het juiste gedeelte van de huls worden aangebracht; te korte of verkeerd gepositioneerde bekken zijn ongeschikt. |
| Koppelingvorm | Recht, bocht, flens, lange aansluiting of een andere afwijkende geometrie. | De koppeling moet in de machine kunnen worden ingebracht en tijdens de persslag vrij van ongewenst contact blijven. |
| Machineopening | Openingsweg, vrije opening en benodigde ruimte met de gekozen bekkenset. | Een technisch passend bekken is pas bruikbaar als het complete werkstuk praktisch kan worden geplaatst en verwijderd. |
| Persgegevens | Actuele combinatiegegevens, correctiewaarde, tolerantie en meetmethode. | De bekkenset bepaalt samen met de machine-instelling het resultaat; beide moeten correct worden vastgelegd. |
| Conditie | Slijtage, beschadiging, vervuiling en compleetheid van alle segmenten. | Ongelijkmatige of beschadigde segmenten kunnen het persbeeld en de maatnauwkeurigheid beïnvloeden. |
De machinegegevens op Leeuwtechniek.nl vermelden welk persbekkensysteem bij een model hoort. De volgende voorbeelden laten zien waarom dit vóór aanschaf van machine, bekken en snelwisselaar moet worden gecontroleerd.
De Uniflex SH 2 M Ecoline in het Leeuwtechniek-assortiment is gespecificeerd met PB 263. Voor deze bekkenserie bestaat een eigen QDC 263.3-snelwisselaar en bijpassende QDS-opslag. Controleer de exacte machine-uitvoering, omdat pakketsamenstelling en geschiktheid kunnen verschillen.
Onder meer de SC 3 Ecoline en HM 225.3 C.2 zijn bij Leeuwtechniek gespecificeerd met PB 239. De QDC 239.5 is de bij deze serie horende snelwisselaar; QDS 239-oplossingen zorgen voor geordende opslag van complete sets.
Bij modellen zoals de SC 6 Ecoline wordt PB 239 / PB 266 vermeld. Voor het grotere bereik kunnen grondbekken of adapters nodig zijn. Ga niet uit van directe uitwisselbaarheid met PB 239; volg de configuratie van de betreffende machine.
De meegeleverde bekkensets en accessoires verschillen per machinepakket en uitvoering. Controleer daarom altijd de actuele offerte of productspecificatie, ook wanneer twee machines dezelfde bekkenserie gebruiken.
Bij modellen zoals de SC 3 Ecoline, HM 200 en SC 6 Ecoline vermeldt Leeuwtechniek pakketten met een persbekkenrek, snelwissel en meerdere bekkensets. Het bereik en het gebruikte bekkensysteem verschillen per model.
De HM 225.3 C.2 is binnen het Leeuwtechniek-assortiment een voorbeeld van een productiepers met PB 239, een persbekkenrek, snelwissel en een pakket bekkensets. Bij serieproductie verkorten een vaste opslagpositie en een gestandaardiseerde wisselprocedure de omsteltijd.
QDC: Quick Die Changer De snelwisselaar neemt de complete achtdelige bekkenset in één beweging op. Magnetische fixatie helpt de segmenten tijdens het transport bij elkaar te houden.
QDS: Quick Die Storage
De bijpassende opslag houdt complete bekkensets geordend en bereikbaar. Vanuit de QDS kan de set met de QDC worden opgenomen, naar de pers worden gebracht en als geheel worden geplaatst.
Een snelwisselsysteem vermindert losse handelingen, maar vervangt de controle op bekkenmaat, compleetheid, conditie en correcte vergrendeling niet.
Onderstaande volgorde is een controlekader. De bedienings- en veiligheidsinstructies van de betreffende Uniflex-machine blijven altijd leidend.
Verifieer slang, koppeling, persmaat, bekkensysteem en voorgeschreven set voordat de machine wordt omgesteld.
Volg de machine-instructie voor stoppen, openen en veilig wisselen. Houd handen buiten het persgebied.
Gebruik de passende QDC en controleer of alle acht segmenten correct zijn opgenomen voordat u de set verplaatst.
Zet de complete set terug op de toegewezen positie. Meng geen segmenten van verschillende sets.
Plaats de nieuwe set, controleer de vergrendeling en bevestig dat ieder segment correct en gelijkmatig zit.
Controleer de persdiameter en het persbeeld volgens de geldende montagegegevens voordat de serie wordt vrijgegeven.
Een goede indeling voorkomt onnodig lopen, draaien en tillen. Plaats de onderdelen in de volgorde waarin de assemblage wordt opgebouwd en gecontroleerd.
Voorbereide slang, koppeling en werkorder komen samen op een duidelijk gemarkeerde positie.
De koppeling wordt volgens de montagegegevens op of in de slang geplaatst en op insteekdiepte gecontroleerd.
De assemblage wordt zonder onnodig tillen of verdraaien in de pers gepositioneerd en geperst.
Persdiameter, persbeeld en overige voorgeschreven kenmerken worden gemeten en vastgelegd.
Houd voldoende ruimte voor lange slangen, bochtkoppelingen en werkstukken met een afwijkende vorm. Beoordeel de invoer van beide zijden wanneer de machine dit mogelijk maakt.
Plaats QDS of bekkenrek dicht bij de machine, maar buiten het bewegings- en gevarengebied. Zwaardere sets horen bij voorkeur op een comfortabele, stabiele hoogte.
Label opslagposities met bekkenserie en maat. Houd complete sets bij elkaar en leg vast welke sets voor specifieke koppelingen of processen zijn vrijgegeven.
Bewaar gekalibreerde schuifmaat of andere voorgeschreven meetmiddelen schoon en beschermd, direct naast de plek waar de persing wordt beoordeeld.
Zorg dat actuele persgegevens duidelijk beschikbaar zijn. Voorkom losse, verouderde lijsten en maak zichtbaar welke revisie wordt gebruikt.
Verwijder metaaldelen, rubberresten en vuil. Voeg geen vet of smeermiddel toe aan de perskop of bekken wanneer dit niet in de Uniflex-instructie is voorgeschreven.
Plaats bediening, verlichting en eventuele voetbediening zo dat de operator het werkstuk kan zien en een stabiele werkhouding behoudt.
Maak aparte posities voor te verwerken, goedgekeurde en afgekeurde assemblages. Zo blijft zichtbaar welke producten nog moeten worden gecontroleerd.
Nee, niet zonder meer. Het zijn verschillende bekkensystemen. Gebruik alleen een combinatie die voor de betreffende machine is gespecificeerd, inclusief eventuele grondbekken of adapters. Ook de snelwisselaar en opslag moeten bij de bekkenserie passen.
Dat is niet de bedoeling. Een bekkenset hoort compleet te blijven. Door segmenten te mengen kan verschil in slijtage of maatvoering ontstaan. Bewaar de complete set daarom op één gemarkeerde opslagpositie.
De pakketsamenstelling verschilt per model en uitvoering. Bij verschillende machines in het Leeuwtechniek-assortiment wordt een snelwissel vermeld, maar dit moet altijd in de actuele productspecificatie of offerte worden bevestigd. Ook de juiste QDC- en QDS-uitvoering verschilt per bekkenserie.
Binnen het toegestane instelbereik kan een set vaak meerdere nabijgelegen persdiameters maken. De combinatie van bekkenset, machine-instelling en correctiewaarde moet echter uit de actuele persgegevens volgen. Forceer nooit een diameter buiten het gespecificeerde bereik.
Controleer de set vóór gebruik op compleetheid, vervuiling en zichtbare beschadiging. Leg daarnaast een periodieke inspectie vast op basis van gebruiksintensiteit en de onderhoudsinstructies. Onverklaarbare afwijkingen in persmaat of persbeeld zijn aanleiding voor directe controle.
Lever een overzicht aan van machine, slang-koppelingcombinaties, persdiameters, bekkensystemen, aantallen en seriegroottes. Voeg informatie toe over beschikbare ruimte, materiaalstroom, voeding, gewenste bediening, meetmiddelen en toekomstige uitbreidingen.